Mannelijk voortplantingsstelsel

iDevice-pictogram Activiteit

Lees onderstaande tekst over de bouw van het mannelijk voortplantingsstelsel.

Naast de bouw, vind je in deze tekst ook de functies van de verschillende organen terug.

Na het lezen van deze tekst maak je de oefeningen over de bouw en de functies.


Bouw en functies


De eigenlijke spermavormende klieren zijn de teelballen of de testis. De bijballen of de epididymi zijn ermee verbonden en vormen spermareservoirs. Zowel de teelballen als de bijballen zijn in de balzak of het scrotum gelegen. In het scrotum is de temperatuur 2 à 3 °C lager dan de normale lichaamstemperatuur. Dat is de ideale temperatuur om zaadcellen te vormen.

 

 


Inwendig, doorheen de teelbal, lopen bindweefselachtige tussenschotten, waardoor de klier in een groot aantal smalle lobjes verdeeld is. In elk van die lobjes ligt een sterk gekronkeld zaadbuisje.
Dat vormt, samen met de buisjes van de andere lobjes, het teelbalnetwerk dat via afvoergangetjes overgaat in de sterk gekronkelde bijbalgang. De zaadcellen worden gevormd in de zaadbuisjes. Op dat moment zijn echter nog niet beweeglijk. Binnen de afvoergangetjes wordt door kliercellen een vloeistof afgescheiden, de zaadvloeistof, zodat de spermatozoïden met een vloeistofstroom in de bijbal terechtkomen. Daar komen ze volledig tot rijping en worden ze beweeglijk. Ze krijgen daarbij wel nog wat hulp van contracties van spieren in de wand van de bijbalgang.

 

 

Nadat de zaadcellen de bijbal gepasseerd zijn, komen ze terecht in de zaadleider. De zaadleider bezit een sterke spierwand en trilhaarepitheel. Bij snel transport van spermatozoïden spelen peristaltiek en trilhaarbewegingen een rol.
Naar het einde toe verbreedt de zaadleider tot de ampulla, waar de spermatozoïden tijdelijk kunnen worden opgestapeld.

Bij de zaadcellen worden echter nog een aantal dingen toegevoegd. De zaadblaasjes, de prostaat en de klieren van Cowper scheiden namelijk vocht af.
Het vocht van de zaadblaasjes is energierijk en voedt de zaadcellen.
De prostaat heeft een dubbele functie: enerzijds sluit hij de urinetoevoer af als een zaaduitstorting nakend is, anderzijds activeert en beschermt het geproduceerde vocht van de prostaat de zaadcellen.
Het basische vocht uit de klieren van Cowper verlengt de levensduur van de spermatozoïden, omdat het de zure inhoud van de urinebuis en de vagina gedeeltelijk neutraliseert.
Samen met de zaadcellen en de zaadvloeistof vormt dat vocht het zaad of het sperma.


Het deel van de urinebuis dat doorheen de prostaat loopt, kan aan beide uiteinden door een kringspier worden afgesloten. Het weefsel rondom de urinebuis is sponsachtig. Daarop ligt een ander weefsel dat vele holten bevat, het caverneus weefsel. Over het uiteinde van de penis,
de eikel, ligt een huidplooi die er alleen aan de achterzijde mee vergroeid is, de voorhuid. Aan de top van de eikel heeft de voorhuid een opening. In gewone omstandigheden is de penis slap. De ruimten van het caverneus weefsel kunnen met bloed worden gevuld en opzwellen: ze vormen de zwellichamen. Als de zwellichamen met bloed gevuld zijn, wordt de penis groot en stijf; de voorhuid schuift weg en de eikel komt tevoorschijn. Het onderhuidse bindweefsel aan de voorkant van de penis rekt niet mee,waardoor de penis rechtop gaat staan. Die toestand (hard, groter, rechtop) heet een erectie.

 

OVERZICHT